De ecologische ramp achter biomassa

Hoe in Estland de biodiversiteit wordt geofferd op het altaar van ons klimaatbeleid

Door Edwin Timmer, Telegraaf 18 mei 2020

ELVA – Boten vol houtpellets voor Nederlandse biomassacentrales laten een spoor van ellende achter in Estlandse bossen. Een studie van het Planbureau voor de Leefomgeving, dat de ecologische ramp lijkt wit te wassen, houdt het op ’anekdotisch bewijs’ van enkele ngo’s. Maar wetenschappers, vogelkenners, bosfanaten en journalisten bevestigen stuk voor stuk: de subsidies van minister Wiebes ontketenen een roofdier in de Baltische natuur.

Kale zwarte aarde is alles wat rest na grootschalige houtkap rond Imavere, in het hart van Estland.
Ⓒ BIOFUELWATCH

Eén van de mooiste ontdekkingen die Siim Kuresoo ooit deed, was een hoopje gele stront. Dwalend door de Estlandse wouden zag hij op de grond ineens gele rijstachtige keuteltjes. „Dan weet je dat je in de buurt bent van de vliegende eekhoorn”, vertelt de medewerker van het Estlandse Natuurfonds (ELF) enthousiast. „En het mooiste: het was niet eens officieel bekend leefgebied van dit bedreigde knaagdiertje.”

De vliegende eekhoorn
Ⓒ HOLLANDSE HOOGTE / REX BY SHUTTERSTOCK HH

De vondst van een extra leefgebied is voor Estlandse bosliefhebbers een zeldzame opsteker. Want de toekomst van die vliegende eekhoorn, die zweeft van boom naar boom dankzij een velletje tussen de poten, ziet er allerminst rooskleurig uit. De soort leeft in holen van oude bomen, waar het beestje noten verzamelt en kroost grootbrengt. Maar steeds meer bossen, en bomen op leeftijd, verdwijnen in de zaagtanden van de pelletindustrie.

Prooi

Kuresoo ziet het elke keer als hij terugreist naar de bosachtige streek van zijn geboorteplaats Elva. „Steeds meer bos wordt volledig kaalgekapt. Zelfs stukken waarvan ik dacht dat ze onbereikbaar zouden zijn. De vliegende eekhoorn kan niet op tegen houtkap op deze grote schaal. Zwevend tussen bomen is hij misschien majestueus, maar over het open veld beweegt hij zich klungelig. Dan is het een makkelijke prooi.”

Siim Kuresoo (links) ziet met lede ogen aan hoe „steeds meer bos volledig wordt kaalgekapt”.
Ⓒ EIGEN FOTO

Een koude douche. Zo voelde voor diverse natuurorganisaties het rapport over biomassa dat het Planbureau voor de Leefomgeving (PBL) vorige week presenteerde. ’Eindelijk’, zo was de hoop, ’buigt een overheidsinstituut van een houtpellets importerend land zich over de vraag of die houtstroom voor energie wel duurzaam is.’ Organisaties als Dogwood Alliance, Biofuelwatch en het Comité Schone Lucht hielden de adem in. Prikt men eindelijk het beeld door dat houtverbranding goed is voor klimaat en onschadelijk voor natuur?

Die vraag is extra relevant omdat energiereuzen RWE en Vattenfall op het punt staan, met miljardensubsidies, grote hoeveelheden biomassa op te stoken in Diemen en Geertruidenberg. Maar het PBL-rapport weigert een oordeel. Het benoemt weliswaar claims ’dat misstanden structureel plaatsvinden’ en dat Estlandse bossen ’overgeëxploiteerd zouden worden’, maar men zet er tegelijkertijd de ontkenning tegenover van Amerikaanse pelletproducent Enviva: ’Onwaar.’ In Estland is geen reactie gehaald.

Hele bomen

Op Radio 1 deed onderzoeker Bart Strengers de claims zelfs af als ’anekdotisch bewijs’. Verdwijnen er hele bomen in pelletmolens, en dus in onze ovens? „Ik weet dat niet”, zegt Strengers. Het gevolg is dat de SER, dat op basis van het PBL-rapport het kabinet moet adviseren over biomassa, nog niet weet waar het aan toe is. Maar dat bewijs, is dat wel zo anekdotisch? Een rondgang langs Estlandse deskundigen levert een eenduidig beeld: de Baltische biodiversiteit wordt geofferd op het altaar van ons klimaatbeleid.

„Oh zeker, de pelletindustrie gebruikt hele bomen”, verklaart vooraanstaand bosecoloog Asko Lõhmus van de Universiteit van Tartu. De grootste producent van pellets maakt er niet eens een geheim van, vertelt hij. „Graanul Invest zegt een verhouding van 1 op 1 te gebruiken aan hele boomstammen en zaaghout voor pellets, maar dat is nooit onafhankelijk gecheckt. Overigens: er is ook nog brandstof nodig om het hout goed te drogen.”

Hoog opgestapelde boomstammen, wachtend om te worden vermalen.
Ⓒ BIOFUELWATCH

Eén van de mooiste ontdekkingen die Siim Kuresoo ooit deed, was een hoopje gele stront. Dwalend door de Estlandse wouden zag hij op de grond ineens gele rijstachtige keuteltjes. „Dan weet je dat je in de buurt bent van de vliegende eekhoorn”, vertelt de medewerker van het Estlandse Natuurfonds (ELF) enthousiast. „En het mooiste: het was niet eens officieel bekend leefgebied van dit bedreigde knaagdiertje.”

De vliegende eekhoorn

Ⓒ HOLLANDSE HOOGTE / REX BY SHUTTERSTOCK HH

De vondst van een extra leefgebied is voor Estlandse bosliefhebbers een zeldzame opsteker. Want de toekomst van die vliegende eekhoorn, die zweeft van boom naar boom dankzij een velletje tussen de poten, ziet er allerminst rooskleurig uit. De soort leeft in holen van oude bomen, waar het beestje noten verzamelt en kroost grootbrengt. Maar steeds meer bossen, en bomen op leeftijd, verdwijnen in de zaagtanden van de pelletindustrie.

Prooi

Kuresoo ziet het elke keer als hij terugreist naar de bosachtige streek van zijn geboorteplaats Elva. „Steeds meer bos wordt volledig kaalgekapt. Zelfs stukken waarvan ik dacht dat ze onbereikbaar zouden zijn. De vliegende eekhoorn kan niet op tegen houtkap op deze grote schaal. Zwevend tussen bomen is hij misschien majestueus, maar over het open veld beweegt hij zich klungelig. Dan is het een makkelijke prooi.”

Siim Kuresoo (links) ziet met lede ogen aan hoe „steeds meer bos volledig wordt kaalgekapt”.

Ⓒ EIGEN FOTO

Een koude douche. Zo voelde voor diverse natuurorganisaties het rapport over biomassa dat het Planbureau voor de Leefomgeving (PBL) vorige week presenteerde. ’Eindelijk’, zo was de hoop, ’buigt een overheidsinstituut van een houtpellets importerend land zich over de vraag of die houtstroom voor energie wel duurzaam is.’ Organisaties als Dogwood Alliance, Biofuelwatch en het Comité Schone Lucht hielden de adem in. Prikt men eindelijk het beeld door dat houtverbranding goed is voor klimaat en onschadelijk voor natuur?

Die vraag is extra relevant omdat energiereuzen RWE en Vattenfall op het punt staan, met miljardensubsidies, grote hoeveelheden biomassa op te stoken in Diemen en Geertruidenberg. Maar het PBL-rapport weigert een oordeel. Het benoemt weliswaar claims ’dat misstanden structureel plaatsvinden’ en dat Estlandse bossen ’overgeëxploiteerd zouden worden’, maar men zet er tegelijkertijd de ontkenning tegenover van Amerikaanse pelletproducent Enviva: ’Onwaar.’ In Estland is geen reactie gehaald.

Hele bomen

Op Radio 1 deed onderzoeker Bart Strengers de claims zelfs af als ’anekdotisch bewijs’. Verdwijnen er hele bomen in pelletmolens, en dus in onze ovens? „Ik weet dat niet”, zegt Strengers. Het gevolg is dat de SER, dat op basis van het PBL-rapport het kabinet moet adviseren over biomassa, nog niet weet waar het aan toe is. Maar dat bewijs, is dat wel zo anekdotisch? Een rondgang langs Estlandse deskundigen levert een eenduidig beeld: de Baltische biodiversiteit wordt geofferd op het altaar van ons klimaatbeleid.

„Oh zeker, de pelletindustrie gebruikt hele bomen”, verklaart vooraanstaand bosecoloog Asko Lõhmus van de Universiteit van Tartu. De grootste producent van pellets maakt er niet eens een geheim van, vertelt hij. „Graanul Invest zegt een verhouding van 1 op 1 te gebruiken aan hele boomstammen en zaaghout voor pellets, maar dat is nooit onafhankelijk gecheckt. Overigens: er is ook nog brandstof nodig om het hout goed te drogen.”

Hoog opgestapelde boomstammen, wachtend om te worden vermalen.

Ⓒ BIOFUELWATCH

In 2017 en 2018 verdween ruim 12 miljoen kubieke meter hout uit de Estlandse bossen. Voor duurzaam gebruik is volgens wetenschappers 8,4 miljoen kuub het maximum. Maar onze subsidies op biomassa jagen de houtkoorts op. „Dat draagt zeker bij aan de drang tot kaalkap.” Het zogenaamde clear-cutting, waarbij hier en daar slechts één stam overeind blijft, produceert 85 procent van al het geoogste hout in Estland, stelt Lõhmus. „Het is ook de enige manier om de volumes te verkrijgen die de pelletindustrie nodig heeft.”

Officieel is houtverbranding voor verwarming of verlichting klimaatneutraal, zo stelt de Europese richtlijn voor hernieuwbare energie. Maar het kappen in Estland gaat zo snel dat de voorraad opgeslagen CO2 in Estlandse wouden rap kleiner wordt. Net als de Europese wetenschapskoepel EASA al concludeerde, benadrukt ook Lõhmus: „Deze wijze van bosbeheer is niet duurzaam. Niet voor klimaat, en zeker niet voor biodiversiteit.”

Toen de Baltische Staten in 1991 onafhankelijk werden van de Sovjet-Unie wachtte westerse biologen een verrassing. De Russische overheersing sinds 1940 bleek goed te hebben uitgepakt voor Baltische bossen. Bomen van een halve eeuw oud (en inmiddels tachtig jaar) kwamen tot volle groei. „Veel vogelsoorten hebben een voorkeur voor die oude bossen”, weet vogelexpert Margus Ellermaa. Zo ook zijn favoriet: de zwarte ooievaar.

Statistieken

„Van veel soorten nemen de aantallen af”, treurt Ellermaa, die als ornitholoog verbonden is aan BirdLife Estonia. „Om te stellen dat die achteruitgang de laatste tien jaar sneller gaat, is vooralsnog moeilijk te bewijzen.” Toch heeft het er alle schijn van. „Officieel neemt het bosareaal in Estland niet af. Dat is omdat 1-jarig bos ook gewoon meetelt. Maar die statistieken helpen de vogels en andere fauna niet die afhankelijk zijn van volgroeide wouden met rottend hout.”

Klaar voor de export: grote bergen vermalen bos. In 2017 en 2018 verdween ruim 12 miljoen kubieke meter hout uit de Estlandse bossen.
Ⓒ BIOFUELWATCH

Kaalkap is overal, en oude sparren en espen worden zeldzamer, weet Ellermaa, die soms toeristen meeneemt op trektocht. „Het laatste belangrijke leefgebied van de vliegende eekhoorn in het noordoosten van Estland is vernietigd. Ik vraag me echt af of onze samenleving bereid is om ook maar één diersoort te redden.” Zelfse tot in Natura2000-gebied klinkt de shredder, waarschuwt het Estlandse Natuurfonds.

Is er dan niemand die toeziet op bescherming van habitat- en vogelrichtlijngebied? Het punt is, stellen vrijwel alle geraadpleegde bronnen, dat de houtindustrie erg machtig is. En de overheid niet vrij van corruptie. Als journalist van Postimees, de grootste krant van Estland, stuitte Nils Niitra op een fraudezaak waarbij gegevens van boseigenaren – alleen bekend bij het ministerie van Milieu – in handen vielen van louche bosbedrijven.

Onder druk

„Hoe ze aan de gegevens komen, is onbekend. Maar per telefoon zetten ze private eigenaars onder druk”, vertelt Niitra per e-mail. „’Grijze’ bedrijven trachten oudere en financieel onervaren mensen, op soms agressieve wijze, te overtuigen om hun perceel of hout te verkopen onder de marktprijs. Zodra het contract is geregeld, koopt een fatsoenlijk bedrijf het recht om te kappen.”

Het gebeurt nog gekker. Met vervalste kapvergunningen stelen maffiosi soms een compleet bos. Zo leed een 94-jarige vrouw uit Hiiumaa onlangs een schade van een ton. ’Roofdieren’ noemde Niitra het gespuis in een column.

Er is geen bewijs, benadrukt de ex-journalist, dat grote pelletmakers als Granuul Invest direct betrokken zijn bij deze foute praktijken. En er is geen hard bewijs dat illegaal gekapt hout uiteindelijk wordt aangekocht voor Nederlandse biomassacentrales. Maar het zijn wel ónze klimaatsubsidies die de houtkoorts zover hebben aangewakkerd dat dit maffiagedrag winstgevend is geworden.

Certificering

In een ecologisch drama als deze is ’elke vorm van certificering een wassen neus’, meent Fenna Swart van het Comité Schone Lucht. „Minister Wiebes probeert zich daar steeds achter te verschuilen, maar de herkomst van pellets in een Hollandse oven is volstrekt oncontroleerbaar.”

„Nederlandse burgers”, zegt Kuresoo, „moeten begrijpen dat onze bossen en biodiversiteit niet netjes worden beschermd.” Biomassa verbranden om klimaatdoelen te halen, is een ’valse oplossing’, stelt de bosexpert van ELF. Net zo vals als de structurele kaalkap in Estland afdoen als een anekdotische zeldzaamheid.

Kaalslag in de bossen van Estland.

Almuth Ernsting van Biofuelwatch bezocht Estland twee keer. Bij pelletmolens fotografeerde ze hoog opgestapelde stammen, wachtend om te worden vermalen. Ernsting: „Het PBL zegt dat er ’onafhankelijk onderzoek’ nodig is. Maar waarom is ze zelf niet gaan kijken in Estland? Als je moet achterhalen of biomassa duurzaam is, en je stuit op conflicterende uitspraken, dan ga je toch op onderzoek? Dit is geen speld in een hooiberg. Je struikelt over de bewijzen voor vernietigende kaalkap. Als dat geen bewijs is, wat dan wel?”

’Veldwerk buiten onze scope’

Zelf ’internationaal veldonderzoek’ doen was niet het doel van het biomassa-rapport, reageert het PBL. „Dat viel buiten de scope van ons onderzoek, en behoort niet tot onze competentie”, zegt Bart Strengers. In plaats daarvan keken de groene rekenmeesters naar de beschikbaarheid van vormen van biomassa.

Het PBL sprak wel deskundigen die stelden dat sommige bomen die nu in pelletmolens verdwijnen ook geschikt zijn voor de zagerij. „Maar daaruit volgt nog niet dat er sprake is van structureel onduurzame bosbouw.” Bovendien vond het PBL geen wetenschappelijke studies die een ’structurele kaalkap’ aantonen.

Toch hoopt Strengers dat een extra studie alsnog uitsluitsel geeft: „Wij hopen dat ons krachtige pleidooi voor zulk onderzoek, waarbij veldwerk nodig zal zijn, gehoord en opgepakt wordt.”

Knoop doorhakken: ’Toont minister als eerste dat bosverbranding geen klimaatoplossing is?’

De wereld kijkt naar Wiebes om biomassa

Door EDWIN TIMMER – Telegraaf 05 nov. 2020

WENEN – Het dossier biomassa geeft minister Wiebes (Klimaat) eindelijk de kans zich te ontpoppen tot een echte ’klimaatvoorloper’. Dat stellen internationale natuur- en milieuorganisaties. De politieke situatie waarin de minister hom of kuit moet geven, heeft ervoor gezorgd dat de VVD-er in de schijnwerpers staat tot ver buiten onze landsgrenzen.

Minister Wiebes (Klimaat) weet de ogen op zicht gericht in het biomassadossier.
Ⓒ ANP/HH

Natuur- en milieubeschermers in het buitenland volgen met argusogen of de bewindsman de gelegenheid aangrijpt. ,,Heeft hij de moed om als eerste Europese bewindsman houtige biomassa officieel te ontdoen van het foute etiket ‘duurzaam en klimaatneutraal’ en de subsidies op houtstook te stoppen en terug te draaien?”, formuleert de Australische leider van klimaatcampagnes Luke Chamberlain vanuit Wenen.

Chamberlain is hoopvol. Wiebes zou met zo’n besluit weliswaar lijnrecht ingaan tegen de Brusselse richtlijn die houtverbranding aanmerkt als emissievrij. Ook strijkt de minister ermee tegen de haren in van energiebedrijven die nu miljardensubsidies opstrijken. Maar, argumenteert de lobbyist, Wiebes zou juist de eerste Europese minister worden die de wereld toont dat bossenverbranding géén klimaatoplossing is.

,,Nergens anders is het debat over houtige biomassa voor energie zo ver gevorderd als in Nederland”, zegt Chamberlain, beleidsdirecteur van de ngo Partnership for Policy Integrity. ,,Er is grote maatschappelijke discussie en jullie belangrijkste adviesorgaan adviseert een radicale koerswijziging: beëindig de subsidies voor houtverbranding. Dat is geweldig. We zien dat Wiebes besluiteloos nu lijkt, maar hij moet gewoon ruggengraat tonen.”

Deze week begrotingsbehandeling

Veertien internationale organisaties schaarden zich deze week achter een brandbrief die de klimaatminister oproept snel een einde af te kondigen op subsidies voor houtverbranding. Deze week behandelt de Tweede Kamer de begroting van zijn ministerie Economische Zaken & Klimaat. Als er geen besluit valt, organiseert het rijk eind dit jaar gewoon een nieuwe uitdeelronde van stooksubsidies voor biomassacentrales.

Organisaties als Biofuelwatch, Dogwood Alliance en Estonian Forest Aid hopen op een domino-effect als het kabinet het SER-advies opvolgt. Chamberlain: ,,Als Nederland om gaat, groeit de kans dat meer Europese lidstaten op hun schreden terugkeren. Landen in de rest van de wereld kijken per definitie welke koers Europa volgt op klimaatgebied. Wiebes staat op een keerpunt van het internationale klimaatbeleid.”

’Import door Nederland groeit snelst’

Er is nog een reden voor de internationale aandacht, vertelt Almuth Ernsting van Biofuelwatch. ,,Van alle importeurs van biomassa in Europa, waarbij alleen Denemarken en Groot-Brittannië groter zijn, neemt de import door Nederland het snelste toe. Ook voor de komende jaren lijkt die import snel door te stijgen.”

Ze wijst er bovendien op dat de Europese richtlijn die biomassa klimaatneutraal noemt, niet verplicht tot het uitdelen van subsidies. Ernsting: ,,Het zou een zeer positief signaal zijn als de Nederlandse minister het stimuleren van houtstook met belastinggeld stopt. De hele wereld kijkt naar Wiebes.”

Niet alleen milieubeschermers houden de ogen gericht op het Binnenhof, ook buitenlandse producenten van houtpellets. Zo is het Baltische bedrijf Graanul Invest niet te spreken over de brandbrief die Wiebes deze week ontving. ,,De schrijvers suggereren onterecht dat er op grote schaal corruptie zou plaatsvinden in de energiesector”, schrijft directeur en grootaandeelhouder Raul Kirjanen aan deze krant.

’Houtpellets milieuvriendelijke brandstof’

Haagse opstooksubsidies hebben geleid tot aanzienlijke Nederlandse aankopen bij Granuul Invest, dat met elf fabrieken de grootste houtpelletproducent is in de Baltische staten. Kirjanen benadrukt dat aan al onze vereisten en certificaten wordt voldaan. ,,Houtpellets zijn een milieuvriendelijke biobrandstof”, concludeert de bosbouwmagnaat.

Natuur- en milieuorganisaties zijn het met hem oneens. Chamberlain: ,,Bossen verbranden voor energie is slecht voor de biodiversiteit. En het is slecht voor het klimaat, omdat je extra broeikasgas de atmosfeer in pompt. Terwijl iedereen begrijpt dat we juist zoveel mogelijk CO2 in bossen moeten vastleggen. Daarnaast schaadt het de luchtkwaliteit. Dagelijks sterven er ruim duizend Europeanen door vervuilde lucht. Met Covid-19 wordt dat alleen maar erger. We kunnen ons klimaatprobleem niet oplossen door alsmaar meer bossen af te fakkelen.”

’We gaan toch geen bossen verbranden met belastinggeld?’

Door EDWIN TIMMER – Telegraaf 03 nov. 2020


AMSTERDAM – Ruim zeventig bezorgde bewonersorganisaties, wetenschappers en binnen- en buitenlandse ngo’s roepen minister Wiebes (Klimaat) en staatssecretaris Van Veldhoven (Milieu) op expliciet de stopzetting af te kondigen van subsidies voor het verbranden van houtige biomassa voor energie. Het kabinet draalt te lang met een besluit, waarschuwen zij in een brandbrief.

De briefschrijvers willen dat Wiebes nou eindelijk de knoop doorhakt.
Ⓒ JOS SCHUURMAN

„Minister Wiebes blijft om de hete brij heen draaien, maar het is tijd voor een daadkrachtig signaal”, zegt Maarten Visschers van Leefmilieu, één van de drie initiatiefnemers van de protestactie. Johan Vollenbroek (MOB) en Fenna Swart (Comité Schone Lucht) zijn de andere twee. De brandbrief belandt in Den Haag vlak voor het debat over de begroting van het ministerie van Economische Zaken en Klimaat.

„Het parlement staat op het punt opnieuw groen licht te geven voor een smak geld aan subsidies voor het verbranden van omgekapte bossen alsof het om ’duurzame energie’ gaat”, stelt Visschers. „Maar het is de verwoesting van biodiversiteit en ecosystemen en de aantasting van onze luchtkwaliteit, die wordt aangejaagd met deze SDE-subsidies. Dat is onacceptabel.”

Zelfbedrog

Al het voorwerk is gedaan. Wetenschappers benadrukken dat het opstoken van bossen als klimaatbeleid feitelijk zelfbedrog is: houtverbranding veroorzaakt twee keer zoveel CO2-uitstoot als gas en zelfs meer dan kolen. De Sociaal Economische Raad adviseerde daarom een koerswijziging: bouw biomassa-subsidies af en stel bedrijven, die reeds subsidies kregen toegezegd, schadeloos.

Toch schuift Wiebes de hete aardappel voor zich uit. Nu wil hij weer wachten op een onderzoek van het Planbureau voor de Leefomgeving naar hoe een afbouw eruit moet zien. Visschers: „Maar het PBL heeft al getoond dat zij zelf voorstander is van biomassa. Ze erkent zelfs de misstanden niet in de kaalkap in de Baltische bossen. Dit duurt te lang.”

Vierendertig bewonersgroepen steunen de brandbrief omdat zij vrezen dat lokale plannen door zullen gaan zolang de Haagse weifel voortduurt. In Amersfoort Schothorst wil de gemeente een hele wijk van het gas halen en aansluiten op biomassa voor stadsverwarming. Uit een enquête blijkt echter dat tachtig procent van de bewoners het niet zien zitten.

Alternatieven

„We gaan hier toch geen tientallen miljoenen euro’s belastinggeld uitgeven om bossen te verbranden?”, zegt voorzitter Christian van Barneveld van de stichting Groen in Amersfoort. „Straks is dat geld op, de bomen weg en we zijn geen stap verder richting een klimaatoplossing. Bovendien leggen biomassacentrales een ongezonde fijnstofdeken over ons land. Laat het kabinet dit geld steken in isolatie en echte duurzame alternatieven.”

Ook jongeren willen dat Wiebes kleur bekent. De Nederlandse tak van Friday’s for Future, geïnspireerd op klimaatspijbelaar Greta Thunberg, schaart zich achter de oproep in de brandbrief. „In theorie is biomassa misschien hernieuwbaar, maar het duurt wel honderd jaar voor het bos is teruggegroeid. Nederland moet hiermee kappen”, zegt Sytze Fortuin.

Voor bijstook in kolencentrales is 3,5 miljard euro bestemd. Voor honderden kleinere initiatieven ligt 5,2 miljard klaar. Eind dit jaar staat een nieuwe verdeelronde op stapel. De briefschrijvers willen dat die subsidieverstrekking wordt stopgezet en energiebedrijven worden gecompenseerd.

Reactie Wiebes

Minister Wiebes (Klimaat) laat in reactie op de kritiek weten dat het kabinet eind dit jaar een knoop doorhakt. „Het kabinet wil houtige biomassa voor lage temperatuurwarmte zo snel als dat haalbaar en betaalbaar mogelijk is uitfaseren”, reageert de VVD-bewindsman. „Voor de productie van elektriciteit worden al geen subsidies meer afgegeven. En voor de productie van warmte uit houtige biomassa gaat dat ook gebeuren. Eind dit jaar bepaalt het kabinet wanneer dat gaat gebeuren op basis van het advies van het PBL.”

Volgens Rudy Rabbinge, emeritis hoogleraar agronomie en oud-senator voor de PvdA, heeft de houding van Wiebes niets te maken met een zorgvuldige overheid. „Ik weet zeker dat de minister dit expres rekt. Hij tilt het ’t liefst over de verkiezingen heen, zodat hij niks hoeft te besluiten. Maar het stoppen met deze subsidies raakt de leefomgeving van heel veel Nederlanders veel directer dan het sluiten van een enkele verre kolencentrale.”

SER: Stop subsidie voor energie uit verbrand omgekapt bos

Uit: De Telegraaf, door Edwin Timmer. 30 juni 2020.

Ⓒ HOLLANDSE HOOGTE / NEDERLANDSE FREELANCERS

Zelfs Marianne Minnesma trok onlangs openlijk haar handen af van het gebruik van biomassa. Had ze eerst met Urgenda nog zo gevochten om de overheid te dwingen meer aan hernieuwbare energie te doen, nu kwam ze tot de conclusie dat Nederlands’ belangrijkste troef – houtige biomassa – eigenlijk alleen maar slecht is voor het klimaat, biodiversiteit en luchtkwaliteit.

Het SER- advies, waarvan dinsdag een concept uitlekte, volgt op het felle maatschappelijke debat tussen voor- en tegenstanders van gesubsidieerde biomassacentrales. Hoewel de SER geen onmiddellijk einde eist van de subsidies, noch een bouwstop voor nieuwe centrales, lijken luidruchtige tegenstanders als Comité Schone Lucht en de MOB van Johan Vollenbroek toch voor een groot deel gelijk te hebben gekregen. Ook voor de SER is biomassa immers ‘over en sluiten’.

BEKIJK OOK:Biomassa: bijna niemand ziet er iets groens in

Energieakkoord

Dat was tien jaar geleden nog zo anders. Om het aandeel hernieuwbare energie te stimuleren, besloot het kabinet in het Energieakkoord om ook het verbranden van houtpellets als klimaatvriendelijk aan te merken. Subsidies hielpen biomassa uitgroeien tot grootste leverancier van ‘hernieuwbare’ energie van Nederland. Zelfs groter dan wind- en zonne-energie.

BEKIJK OOK:Vier prangende vragen over biomassa

Tot critici – van wetenschappers tot activistische ngo’s – de luchtbel doorprikten dat het verbranden van biomassa goed zou zijn voor het klimaat. Daarna volgden al snel andere argumenten tegen het kappen van bossen voor stroom en warmte. Zo wordt de kaalkap in de Verenigde Staten en Estland als een ramp gezien voor de biodiversiteit en een aanslag op onze luchtkwaliteit. Bovendien: zelfs aardgas levert minder CO2-uitstoot op dan het verbranden van biomassa.

Het advies van de commissie, onder leiding van VVD-coryfee Ed Nijpels, gaat ook in op de houtstook door burgers in open haarden en kachels. „Verbranding met een te lage milieuprestatie moet worden ontmoedigd”, stelt het advies. De SER verzoekt de regering het gedrag van de burger ’te beïnvloeden’ om geen vuurtje meer te stoken bij ongunstig weer. Lees: als er kans is op smog door de rooklucht.

’Stuurloze intentieverklaring’

Toch is niet iedereen is blij met de SER. Comité Schone Lucht zag liever een direct moratorium op houtige biomassasubsidies. „Dit advies is een stuurloze intentieverklaring en dus een vrijbrief aan de politiek”, vreest Fenna Swart. „Er wordt geen deadline gevraagd voor het stoppen met subsidies. Er hoeft van de SER geen onmiddellijk moratorium op nieuwe centrales. Op deze manier kunnen het kabinet en grote energiebedrijven gewoon door op de ingeslagen weg.”

“Er wordt geen deadline gevraagd voor het stoppen met subsidies”

Johan Vollenbroek van de milieuorganisatie MOB is iets optimistischer. Maar de SER zou nog strenger mogen zijn wat betreft luchtkwaliteit. „Ze erkent weliswaar dat de luchtkwaliteit moet worden verbeterd en emissies verlaagd, maar ze eist niet het gebruik van best beschikbare technieken, zoals een doekenfilter”, zegt Vollenbroek.

Toehoorders verrast nu Marjan Minnesma aardgas verkiest boven biomassa

Uit De Telegraaf, 15 juni 2020. Door Edwin Timmer

Met de jarenlange klimaatzaak dwong Marjan Minnesma de overheid via de rechter versneld te stoppen met fossiele brandstoffen. Van het gas af is het nieuwe Haagse mantra en het kabinet stimuleert houtige biomassa als vorm van ’hernieuwbare energie’. Nu het boegbeeld van Urgenda zich echter voegt bij de critici van houtstook voor energie, en tegelijkertijd een lans breekt voor aardgas, vinden velen dat curieus.

Edwin Timmer

Marjan Minnesma was zich zondagavond kennelijk bewust van de opmerkelijke klimaatuitspraak die ze zojuist had gedaan. „Dat klinkt heel raar uit mijn mond”, klonk het. Het gebeurde tijdens een interview in het EO-radioprogramma Dit is de dag. En menig luisteraar zat met de oren gespitst.

„Als ik het heel cru zou stellen, zou ik zeggen: op dit moment is het beter om aardgas te gebruiken en een boom te planten, dan om biomassa te gebruiken en een boom te planten”, formuleerde Minnesma. Huh? Prijst de klimaatkoningin van Nederland het gebruik van aardgas aan? Terwijl Den Haag, mede op aandringen van klimaatactivisten, toch juist een beleid uitrolt dat huizen aardgasvrij maakt? Wat is hier aan de hand?

Op sociale media reageerden opiniemakers verrast. ’Onbegrijpelijk’, stelde columnist en energiedeskundige Remco de Boer. Een ’ommezwaai’, oordeelde wetenschapsjournalist Simon Rozendaal. Volgens Fenna Swart van Comité Schone Lucht nam Minnesma niet eerder publiekelijk zo openlijk afstand van houtige biomassa. Ze doet het overigens terwijl de afgelopen maanden het maatschappelijke verzet groeit tegen biomassa wegens de luchtvervuiling en het verlies aan biodiversiteit.

Miljardensubsidies

Minnesma kwam wereldwijd in de schijnwerpers te staan dankzij de Urgenda-zaak. De Hoge Raad gaf haar gelijk dat de Nederlandse overheid meer moet doen om de CO2-uitstoot te verlagen. Mede door de klimaatzaak besloot het kabinet te koersen op het van het aardgas afhalen van huizen. Daarnaast stimuleert Den Haag het gebruik van biomassa door miljardensubsidies.

Op Radio 1 erkende Minnesma dat ze biomassa twintig jaar geleden als onderzoeker aan de Vrije Universiteit nog als ’oplossing’ zag tegen de opwarming van de aarde. Maar volgens de Urgenda-voorzitter is klimaatverandering inmiddels zo nijpend dat de wereld geen tijd meer heeft om nog biomassa te gebruiken. De CO2 van elke opgestookte boom blijft te lang in de atmosfeer, en vormt daarmee een risicovol opwarmend effect.

„Ik zie voortschrijdend inzicht bij Minnesma”, zegt Rozendaal verheugd. „Daar kan ik wel bewondering voor opbrengen.” Ook het feit dat ze aardgas nu duidelijk als een ’overgangsbrandstof’ ziet, waardeert de schrijver van Warme aarde, koel hoofd. Dat is namelijk ook één van de kernpunten in zijn boek.

Sommigen begrepen uit de woorden van Minnesma dat ze de Groningse gaskraan weer open wil draaien. Maar dat weerspreekt ze. Wel stelt Minnesma dat het verstoken van gas slechts de helft van de CO2-uitstoot oplevert in vergelijking met het verbranden van biomassa. Zolang aardwarmte, zonnepanelen en windmolens nog onvoldoende energie opwekken, kunnen we het beste gas gebruiken, meent Minnesma. Tot in elk geval 2030. Rozendaal ziet overigens een langere toekomst voor gas.

Hoewel de woorden van Minnesma voor veel luisteraars klonken als donderslag bij heldere hemel, stelt ze zelf dat Urgenda al langer kritisch is op biomassa. Zo ondertekende Minnesma enkele weken geleden de brandbrief aan de Sociaal-Economische Raad om te pleiten voor afschaffing van subsidies voor opstook van houtige biomassa.

Kentering

Toch vormt juist dit optreden een kentering, stelt Fenna Swart van het Comité Schone Lucht. Zij strijdt tegen de komst van ’s lands grootste biomassacentrale bij Diemen en overziet het groeiende veld aan actoren dat zich tegen biomassa begint uit te spreken. „In eerdere instantie leek Urgenda biomassa nog te steunen als tijdelijke oplossing. Bovendien is dit de eerste keer dat Minnesma zich publiekelijk zo duidelijk uitspreekt.”

Urgenda loopt volgens Swart niet weg voor het, wellicht onbedoelde, effect dat de klimaatzaak heeft gehad: „De Urgenda-zaak duwde de overheid verder in de richting van het subsidiëren van het verbranden van houtpellets. Voor het kabinet is het nu eenmaal, op papier, de makkelijkste manier om ’hernieuwbare energie’ te stimuleren.” Een nieuwe openstelling voor subsidie begin dit jaar zorgt inmiddels voor een verdere groei van de vraag naar houtige biomassa, aldus de activiste.

Minnesma werpt deze kritiek verre van zich. „Ik voel me totaal niet verantwoordelijk voor de keuze die de overheid heeft gemaakt voor het subsidiëren van biomassa. Dat komt voort uit het Energie- en Klimaatakkoord”, zegt ze. Minister Wiebes stelde vorige week in de Tweede Kamer nog dat hij nog geen afscheid wil nemen van biomassa. Het zou te belangrijk zijn om de klimaatdoelen te halen – zoals Urgenda via de rechter heeft geëist.

Klimaatpublicist Rutger van den Noort heeft nog een kanttekening. „Het kan zijn dat Urgenda al langer kritisch was op biomassa. Maar men droeg altijd het idee uit dat we zo snel mogelijk naar hernieuwbare energie moesten, zelfs zonder dat een reële back-up mogelijk was voor onze energiehuishouding. Nu erkent Minnesma dat aardgas nodig is als overgang. En zo is het. Het moet allemaal veel geleidelijker.” Gasketels afkoppelen om Amsterdamse huizen aan een warmtenet op biomassa te koppelen, zoals het hoofdstedelijke stadsbestuur wil, noemt Van den Noort ’het paard achter de wagen spannen’.

Minnesma is optimistisch dat we met wind op zee en zonnepanelen op bestaande gebouwen een heel eind komen. „Tegen windmolens op zee bestaat weinig weerstand”, zegt de klimaatactiviste. Van het vol leggen van weilanden met zonnepanelen is ze géén voorstander. „Het is ook niet nodig.”

’Biomassa-akkoord staat op springen’

Greenpeace: duurzaamheid niet bewezen

10 juni 2020, Door EDWIN TIMMER in Telegraaf BINNENLAND

AMSTERDAM – Het convenant over houtige biomassa als bijstook in kolencentrales hangt aan een zijden draad. Volgende week behandelt een geschillencommissie de klacht van Greenpeace dat energiebedrijven nog steeds niet in staat zouden zijn de door hen gebruikte biomassa als duurzaam te waarborgen.

Voor biomassa zouden alleen bewezen duurzame houtpellets mogen worden gebruikt, maar volgens Greenpeace is er geen zekerheid dat dat ook echt gebeurt.
Ⓒ DIJKSTRA BV

„Dit convenant staat op springen”, zegt directeur Joris Thijssen van Greenpeace. De belofte om alleen bewezen duurzame houtpellets te gebruiken, vormde in 2015 de spil van het akkoord tussen energiebedrijven en vijf milieuorganisaties. Als biomassa dan echt nodig was om klimaatneutraal energie op te wekken, dan alleen met hout uit bijvoorbeeld FSC-gecertificeerde bossen. Alleen dan wilden ook Milieudefensie, Natuur & Milieu en het Wereld Natuur Fonds instemmen.

Bosbeheer

„We praten nu zeven jaar, en we schieten niks op. De bijstook van biomassa wordt opgevoerd, maar zekerheid over duurzaam bosbeheer kan men niet geven”, zegt Thijssen.

Vorig jaar spande Greenpeace daarom al een kort geding aan. De rechter verwees echter naar de geschillencommissie uit het convenant. Die komt woensdag 17 juni bijeen.

“We praten nu zeven jaar, en we schieten niks op”

Koepelorganisatie Energie-Nederland erkent het conflict, maar meent dat het convenant wel functioneert, aldus een woordvoerster. Zo zijn de ’strengste duurzaamheidseisen ter wereld afgesproken’ om te verzekeren dat de biomassa in elektriciteitscentrales ’daadwerkelijk duurzaam is en niet leidt tot kaalslag van bossen’.

De ruzie komt op een gevoelig moment. Bewonersorganisaties spreken zich steeds luider uit tegen houtverbranding voor stroom en warmte. Uit angst voor vuile lucht en verlies van biodiversiteit. De mythe dat biomassa klimaatneutraal zou zijn, is volgens wetenschappers ook wel doorgeprikt.

’Sjoemelhout’

In de strijd tegen biomassa zijn vooral de Landelijke Federatie tegen Biomassacentrales en het Comité Schone Lucht zichtbaar. Naar eigen zeggen omdat de traditionele milieuorganisaties zich te koest houden. „Het is net of zij door het convenant, waarmee ze groen licht gaven aan import van biomassa, met de handen op de rug zijn gebonden”, meent actievoerster Fenna Swart.

“Het is net of zij met de handen op de rug zijn gebonden”

Zo benoemt Milieudefensie in een video op haar website wel de nadelen van biomassa en beklaagt ze zich over ’sjoemelhout’. Maar de grotendeels van overheidssubsidie levende organisatie rept met geen woord over haar eigen rol als convenantondertekenaar. Voor een toelichting had de vereniging van directeur Donald Pols geen tijd.

Het klappen van het convenant belet energiebedrijven niet door te gaan met import van houtpellets. Maar pijnlijk en symbolisch is het wel, meent Greenpeace. Thijssen: „Het zou goed zijn als de Tweede Kamer en minister Wiebes de subsidies stopzetten. Want wat is nog de klimaatwinst als de duurzaamheid niet kan worden aangetoond?

Bekijk ook in de Telegraaf:

Brandbrief aan SER tegen biomassa

Groene biomassa volksverlakkerij